Inleiding

Volgens de nieuwste cijfers van Zorginstituut Nederland stijgen in 2026 de kosten van de Zorgverzekeringswet ten opzichte van 2025 met 6,1% naar € 65,6 miljard en die van de Wet langdurige zorg met 5,0% naar € 40,8 miljard. Het Zorginstituut toont in deze factsheet enkele opvallende ontwikkelingen in de voorlopige cijfers over kostenontwikkelingen in de zorg. We doen dit op basis van declaratiegegevens van wettelijk verzekerde zorg die we ontvangen via zorgverzekeraars en zorgkantoren.

Procentuele veranderingen Zorgverzekeringswet per zorgsector in 2026 vergeleken met 2025

Kostenstijging huisartsenzorg door hogere tarieven

In 2026 zijn er meerdere tariefwijzigingen, waardoor huisartsenzorg bijna 2% meer stijgt dan het gemiddelde. Naast de indexering van de reguliere NZa-tarieven met 4,25% zijn de tarieven op de volgende onderdelen verhoogd:

  • De structurele vergoeding voor ‘Meer tijd voor de patiënt’ is verhoogd. Het maximumtarief per kwartaal gaat van € 3,23 naar € 3,40 per ingeschreven patiënt.

  • De tarieven voor consulten en visites voor onverzekerden zijn met gemiddeld 6% verhoogd.

  • Huisartsen in loondienst hebben per 1 februari 2026 een structurele loonsverhoging van 3% gekregen, bovenop eerdere verhogingen.

  • Het minimumuurloon voor doktersassistenten stijgt per 1 juli 2026 van € 16,48 naar € 16,97.

Reden stijging kosten paramedische zorg nog onbekend

Binnen de paramedische zorg zien we vooral de volgende onderdelen relatief fors stijgen:

  • fysiotherapie stijgt met 8,5% naar € 861,3 miljoen euro

  • dieetadvisering stijgt met 9,8% naar € 75,0 miljoen euro en

  • Gecombineerde leefstijlinterventie stijgt met 22,5% naar € 78,2 miljoen euro.

Omdat we op dit moment alleen beschikken over de kosten en nog niet over de onderliggende aantallen 2026 voor paramedische zorg, kunnen we nog niets zeggen over de oorzaak van de bovengemiddelde stijging. We komen hier in de volgende factsheet op terug.

Ziekenvervoer duurder door verschillende oorzaken

In 2026 zijn de kosten van ziekenvervoer gestegen met 8,7%. Ziekenvervoer vindt plaats per ambulance, taxi of helikopter. De kostenstijging wordt met name veroorzaakt door ambulance- en helikoptervervoer. Een deel hiervan is te verklaren uit de tariefstijging van 5% in 2026; de NZa heeft een hoger budget voor de Regionale Ambulancevoorzieningen (RAV's) toegekend op basis van bijvoorbeeld hogere loonkosten of een duurder wagenpark. Dit werkt via de opbrengstverrekening door in de kosten, zie kader hierna. Het resterende deel van de kostenstijging (volume) kunnen we niet duiden, omdat we niet beschikken over volumedata voor het ambulancevervoer. Daardoor kunnen we ook niet zien wat daarbij het effect van de opbrengstverrekening is.

Opbrengstverrekening RAV’s

De NZa stelt jaarlijks per RAV-regio een budget vast, om het ambulancevervoer en de meldkamer in die regio beschikbaar en operationeel te houden. Na afloop van het jaar wordt er gekeken hoeveel ritten er daadwerkelijk zijn gereden en hoeveel er is gedeclareerd. Als er in een regio bijvoorbeeld minder is gedeclareerd dan wat er als budget beschikbaar was, dan betalen de verzekeraars het verschil tussen de opbrengsten en het budget.

Kosten voor GRZ, ELV en GZSP blijven stijgen, maar groei vlakt wel af

In 2025 zagen we een bovengemiddelde stijging van Geriatrische Revalidatiezorg, Eerstelijnsverblijf en Geneeskundige Zorg voor Specifieke Patiëntgroepen (GRZ, ELV en GZSP). De stijging was toen 12,3%, nu is dat 8,1%. De grootste stijging deed zich voor bij ELV. We hebben in ons factsheet over het derde kwartaal van 2025 toegelicht dat dit werd veroorzaakt door een eenvoudiger toegang tot de zorg, een substantiële verhoging van de tarieven en efficiëntere organisatie van de zorg voor thuiswonende kwetsbare patiënten. De stijging van ELV zien we ook in 2026; ten opzichte van 2025 zijn de kosten 9,5% hoger. De tariefsverhoging in 2025 was iets hoger dan gemiddeld, waardoor de kostenstijging in 2026 iets afvlakt.

Onderzoek naar kosten en gebruik kraamzorg

De kosten en het gebruik van kraamzorg laten de afgelopen jaren een beeld zien dat regelmatig afwijkt van het gemiddelde. Het Zorginstituut heeft hier onderzoek naar gedaan. De resultaten hiervan zijn recent gepubliceerd. In dit rapport geven we inzicht in de geleverde kraamzorg van 2017 tot en met 2023 en doen we aanbevelingen om te komen tot een betere verdeling van kraamzorg. Zo dragen we bij aan passende kraamzorg en een gezonde en kansrijke start voor elk gezin in Nederland.

Kosten langdurige zorg stijgen met 5,0%

De verwachting is dat in 2026 de kosten van de langdurige zorg stijgen met 5,0% naar € 40,8 miljard. Zorg in natura stijgt met 4,8% naar € 36,8 miljard en het persoonsgebonden budget met 6,4% naar € 4,0 miljard. Deze percentages zijn inclusief loon- en prijscompensatie. Er zijn in 2026 twee beleidswijzigingen in de Wlz, zie kader hierna. Deze wijzigingen hebben beperkte invloed op de totale kosten.

Nieuwe bekostiging zorgprofiel VG7

Dit zorgprofiel is bedoeld voor cliënten met een verstandelijke beperking die wonen in een instelling met ernstige gedrags- en/of psychische problemen die intensieve begeleiding en verzorging nodig hebben. Sommige cliënten hadden een complexere en zwaardere zorgvraag dan geleverd kon worden vanuit dit zorgprofiel. Voor deze cliënten is er een extra prestatie met een hoger tarief in het leven geroepen: VG7-plus. Op deze manier blijft de juiste zorg voor hen beschikbaar.

Bekostiging levensloopaanpak

De levensloopaanpak is de samenwerking tussen verschillende zorg- en veiligheidsdomeinen voor mensen met onbegrepen en mogelijk gevaarlijk gedrag. Een deel van hen heeft een indicatie voor de langdurige zorg. Deze zorg werd tot 2026 met tijdelijke middelen bekostigd. Met ingang van 2026 is er nieuwe, structurele bekostiging in de vorm van een dagtarief (H540) die de samenwerking versterkt tussen het zorg-, sociaal-, forensisch- en veiligheidsdomein en bijdraagt aan de kwaliteit van de zorg voor deze kwetsbare cliënten.