Tabelpagina Verloskunde
Om terug te gaan naar de tabelpagina met de zorgkosten en aantallen voor de Verloskunde, klik hier.
Deze pagina beschrijft hoe het verloskunde (rubriek 5) wordt bekostigd en verantwoord. De toegepaste methodiek van de aangeboden verdieping op basis van declaratiedata met betrekking tot rubriek 5 staat ook hier beschreven.
Om terug te gaan naar de tabelpagina met de zorgkosten en aantallen voor de Verloskunde, klik hier.
Rubriek 5 behandelt de kosten die gemaakt worden door verloskundigen. Dit is alle zorg via de verloskundige praktijken en geboortecentra en welke valt onder de dekking van het basispakket van de Zvw. Het gaat om zorg van een verloskundige, huisarts of gynaecoloog die wordt gegeven vóór, tijdens en na de bevalling.
Vanaf 2020 wordt de Integrale geboortezorg in dit hoofdstuk verantwoord. Voorheen werden de kosten van integrale geboortezorg gerapporteerd onder rubriek 13: ‘Diverse overige kosten’. Integrale geboortezorg is een nieuwe vorm van geboortezorg waarbij verschillende zorgaanbieders zoals verloskundigenpraktijken, het ziekenhuizen en kraamcentra samenwerken om de kwaliteit van de zorg te verbeteren. Per 1 januari 2017 heeft het ministerie integrale bekostiging mogelijk gemaakt op experimentele basis. Per 1 januari geldt een tweesporenbeleid voor bekostiging van de geboortezorg. Integrale bekostiging is daarmee een aanvulling op de huidige bekostiging. Zo kan in de eerste en tweede lijn zowel zelfstandig zorg geleverd en gedeclareerd worden alsmede integraal bij samenwerking tussen eerste en tweede lijn1,2. De zorgkosten van de verloskundige zorg die gedaan wordt door huisartsen stonden altijd in dit hoofdstuk, maar vallen nu onder de huisartsenzorg, als onderdeel van de Overige kosten.
Verloskundige zorg valt onder de basisverzekering en valt niet onder het verplichte eigen risico en hiervoor zijn geen eigen bijdragen van toepassing. Een uitzondering hierop is de combinatietest (tot oktober 2021) en bevalling zonder medische indicatie in geboortecentrum. Hiervoor gelden wel eigen bijdragen. Verzekeraars waren volledig risicodragend voor de gehele categorie.3
Verloskunde kent een prestatiebekostiging met maximumtarieven. De hoogte van de tarieven van de verloskundige praktijken is gebaseerd op rekennormen per normpraktijk, waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen basis verloskundige zorgprestaties en overige (aanvullende) verloskundige zorgprestaties. Tarieven kunnen worden onderscheiden in basis verloskundige zorg, overige verloskundige zorg en toeslagen4. Voorbeelden van toeslagen zijn de toeslag voor achterstandswijken en ziektenkostenregeling asielzoekers. Maar ook de module geboortecentrum en module integrale geboortezorg vallen hieronder.
De NZa stelt tarieven vast voor de zorgproducten binnen de verloskundige zorg, deze tarieven worden door de NZa elk jaar geïndexeerd om zo te corrigeren voor economische groei/krimp volgens de beleidsregel Indexering5,6. Daarnaast veranderen maximumprijzen soms, omdat prestaties veranderen. Dit is bijvoorbeeld het geval wanneer meerdere prestaties samengevoegd worden. Tevens heeft er een herijking van de tarieven plaatsgevonden voor 20217. De max-tarieven van de verloskundige zorg (exclusief integrale geboortezorg) zijn met gemiddeld 30% gestegen tussen 2021 en 2025.
Hieronder worden de belangrijkste beleidsveranderingen in de periode 2019-2023 beschreven. Voor alle wijzigingen en een uitgebreide omschrijving verwijzen we u naar de beleidsregel verloskunde en de beleidsregel integrale geboortezorg van de Nederlandse Zorgautoriteit.
2021
Combinatietest
Vanaf 1 oktober 2021 vervalt de combinatietest welke wordt ingezet als prenatale screening. Deze test werd dermate weinig uitgevoerd dat de kwaliteit van deze test niet te waarborgen is.3
2022/2023
Regeling Medische Ontheemden asielzoekers/ uit Oekraïne (RMA/RMO)
2023
Experimentele bekostiging beëindigd, start Tweesporenbeleid.
Naast monodisciplinaire bekostiging is integrale bekostiging van 1 januari 2023 van kracht. Per regio kunnen zorgaanbieders kiezen voor welke bekostiging ze kiezen. Daarnaast verdwijnen ook de “Bundelbrekers”. In de experimentele bekostiging was het niet mogelijk om een integrale prestatie te declareren als een derde zorgaanbieder ook een (monodisciplinaire) geboortezorg declaratie indiende voor dezelfde vrouw. Dit veroorzaakte hoge administratieve lasten bij de experimentpartijen en zorgverzekeraars. De reguliere integrale bekostiging bevat aangepaste regels die dubbele bekostiging tegen gaat zonder deze administratieve lasten.8
Eerstelijn CTG
Na een jarenlang succesvol experiment met het uitvoeren van een cardiotocogram (CTG) bij 3 indicaties in de eerstelijnsverloskundige zorg. Deze gelden voor CTGs bij minder leven, naderende serotiniteit en het van buitenaf draaien van het ongeboren kind van stuitligging naar hoofdligging. Per 1 Januari 2023 is dit onderdeel van de reguliere bekostiging als zijnde antenataal CTG.8
NT-meting
De prenatale screening Nuchal Translucentie (NT-)meting (nekplooimeting) is komen te vervallen. 8
Combinatietest
Prenataal echografisch onderzoek
Tolk
Per 1 januari 2023 geldt een tijdelijke toeslag voor de inzet van een tolk voor de eerstelijns verloskundige zorg. 9
2024
Tijdelijke toeslag voor interactieve prenatale groepszorg verloskunde
Vanaf 2024 is er een tijdelijke toeslag voor interactieve prenatale groepszorg, ook wel bekend als “centering pregnancy”10. Deelnemer krijgen 10 groepsbijeenkomsten waarbij ze ervaringen, kennis en vragen uitwisselen over de zwangerschap. Daarnaast is er ruimte voor de medische controles. Deze toeslag stimuleert zorgaanbieder om groepszorg aan te bieden en deze bij succes structureel op te nemen in de geboortezorg. https://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_775386_22/
2025
Echo ter controle van de ligging van een IUD (spiraaltje)
ttps://puc.overheid.nl/nza/doc/PUC_766958_22/11
Voor de verloskunde geldt dat er een verschil is tussen de cijfers die gepresenteerd worden in deze verdiepende analyse rapportage en de verantwoordingsinformatie van de zorgverzekeraars. Tot 2019 werd onder deze rubriek nog de kosten van verloskundige zorg door huisartsen verantwoord en de integrale geboortezorg is juist van 2020 pas onderdeel van deze rubriek.
Voor deze rapportage kiezen we 2024 als uitgangsjaar, ook voor de oude jaren. Dat betekent dat voor alle getoonde jaren (2019 t/m 2023) de verloskundige zorg door huisartsen hier niet in zit, maar bij de huisartsenzorg en dat de integrale geboortezorg voor alle jaren hier wel in zit. Dit maakt een vergelijking van de kosten over de jaren eerlijker en makkelijker.
Voor de verdiepende tabellen wordt gebruik van gemaakt van declaratiegegevens die verstrekt zijn door de zorgverzekeraars aan het Zorginstituut via Vektis. Ten behoeve van de wettelijke taken worden deze gepseudonimiseerde declaraties gebruikt voor onder meer desbetreffende tabellen.
Omdat de kosten nog niet uitgedeclareerd zijn, zijn de laatste jaren nog aan verandering onderhevig. Tevens is het meest recente jaar (en in sommige gevallen ook eerdere jaren) nog leeg gelaten op de diepere niveaus, omdat er te weinig declaraties zijn.
Voor een uitgebreide beschrijving van de toegepaste methodiek, klik hier.